De theologie van Paulus

Dr Laurence B. Brown

In de Naam van Allah, de Erbarmer, de Barmhartige

Temidden de opkomende 10° en 20° eeuw, bewust van het onderscheid tussen de leer van de Drieëenheid en de periode van haar ontstaan, kan men verrast opkijken een groep aan te treffen die beweert aanhangers te zijn van Jezus, als we in de Quran het volgende lezen:

“O Lieden van de Schrift! Overdrijft niet in jullie godsdienst en zeg niets over Allah dan de Waarheid. Voorwaar, de Messias Jezus, Zoon van Mariam, is een Boodschapper van Allah en Zijn Woord dat Hij aan Mariam zond, uit Zijn Geest voortkomend. Gelooft dus in Allah en Zijn Boodschappers en zegt niet (dat Allah) ‘drie’ (is). Houdt (hiermee) op, dat is beter voor jullie. Voorwaar, Allah is de Ene God. Verheven is Hij (boven de bewering dat) Hij een zoon heeft. Hem behoort wat in de hemelen en op de aarde is. En Allah is voldoende als Getuige.” (De Edele Quran 4:171)

en Hij waarschuwt:

“(…) O Lieden van de Schrift! Overdrijft niet onterecht in jullie godsdienst en volgt niet de begeerten van een volk dat vroeger waarlijk dwaalde en velen deed dwalen. En zij dwaalden af van het rechte Pad.” (De Edele Quran 5:77)

Men kan zich afvragen wat er in het Nieuwe Testament staat dat deze twee groepen qua inzichten zover uiteen drijft. Zonder enige twijfel is het belangrijkste onderscheid dat zorgt voor de verdeeldheid tussen Trinitariërs (die geloven in de Drieëenheid, nota van de vertaler) en Unitariërs (of Monotheïsten, nota van de vertaler), en tussen Christenen en Muslims, de theologie van Paulus. Eeuwenlang werd het argument aangevoerd dat de Trinitaire Christenen veel meer de theologie van Paulus dan de leer van Jezus volgen. Deze beschuldiging kan moeilijk worden ontkend, aangezien Jezus de Wet van het Oude Testament onderwees, terwijl Paulus geloofsmysteries onderrichtte, waarbij hij de Wet – waarvoor de Profeten hebben geleden en zich hebben opgeofferd om die over te brengen – verloochende. Met verachting voor de duizenden jaren van Openbaring, bezorgd langs een lange reeks van gerespecteerde Profeten, en in tegenspraak met de leer van Rabbi Jezus zelf, concentreerde Paulus zich niet op het leven en de leer van Jezus maar op zijn dood. Zoals Lehman het verwoordde:

“Het enige wat Paulus belangrijk vindt, is de dood van de Jood Jezus, die alle hoop op een bevrijding door een Messias teniet deed. Hij maakt van de falende joodse Messias de zegevierende Christus, hij maakt de dode levend en van de Mensenzoon maakt hij de zoon van God.” [1]

Meer dan enkele geleerden beschouwen Paulus als de belangrijkste bederver van het apostolische Christendom en van de leer van Jezus.

“Wat Paulus als ‘Christendom’ verkondigde was pure ketterij, die niet kon gebaseerd zijn op het Joodse of Esseense geloof, noch op de leer van Rabbi Jezus. Maar, zoals Schonfield zegt: ‘De ketterij van Paulus werd de fundering van het orthodoxe Christendom en de legitieme Kerk werd als ketters verloochend’.” [2]

Lehman gaat verder:

“Paulus heeft iets gedaan wat de Rabbijn Jezus nooit heeft gedaan en zou hebben geweigerd te doen. Hij breidde de verlossingsbelofte van God uit tot de heidenen, hij schafte de Wet van Mozes af en voorkwam de directe toegang tot God door bemiddelaars in te voeren.” [3]

Anderen verheffen Paulus tot de status van heilige. Joel Carmichael, die hierna wordt aangehaald, hoort daar duidelijk niet bij:

“Wij zijn een universum van Jezus verwijderd. Als Jezus is gekomen “enkel om de Wet en de Profeten te vervullen”, als hij meende dat “geen punt, geen jota, geen komma van de Wet” mag worden afgeweken (Mat. 5: 17-18 – nota van de vertaler), dat het belangrijkste gebod is “Luister Israël, de Heer is onze God, de Heer is de Enige” (Mat. 12:29- nota van de vertaler) en dat “niemand goed is, behalve God alleen” (Marcus 10:18 – nota van de vertaler) … Wat zou hij hebben gedacht van Paulus’ knutselwerk! De triomf van Paulus betekende het definitieve uitwissen van de historische Jezus. Hij komt in het Christendom even verhuld tot ons als het fossiel van een vlieg in een stuk amber.” [4]

Veel auteurs hebben gewezen op de tegenstrijdigheid tussen de leer van Paulus en die van Jezus. De besten onder hen hebben vermeden hun meningen in het commentaar te verwerken en beperkten zich er gewoon toe om op de verschillen te wijzen. Dr. Wrede becommentarieert:

“Bij Paulus is het centrale thema een Goddelijke handeling in de geschiedenis, maar die geschiedenis overschrijdend, of een complex van dergelijke handelingen, die aan de gehele mensheid een kant-en-klare verlossing bieden. Al wie in deze handelingen gelooft – de vleeswording en heropstanding van een hemels wezen – ontvangt verlossing.

“En datgene wat voor Paulus het wezen van de godsdienst vertegenwoordigt – het geraamte van de constructie van zijn vroomheid, dat onmisbaar is om die theorie overeind te houden – kan dit een verderzetting of een hervorming van het Evangelie van Jezus zijn? Waar vinden we in dit alles dat Evangelie, waarvan Paulus beweerde dat hij had heeft begrepen?

“Van datgene wat voor Paulus alles betekent, hoeveel weet Jezus daarvan? Helemaal niets” [5]

Dr. Johannes Weiss draagt zijn steentje bij:

“Daardoor was het geloof in Christus, dat door de eerste Kerken en door Paulus in stand werd aangehangen vergeleken met de leer van Jezus iets totaal nieuws; het was een volledige nieuwe soort godsdienst.” [6]

Welke godsdienst met de overwinning ging lopen, en waarom en hoe, dat zijn vragen die we overlaten aan de bovengenoemde auteurs. Als iemand erkent dat de leer van Paulus en die van Jezus elkaars tegenpolen zijn, dan dient de volgende vraag te worden overwogen: “Als ik tussen die twee moest kiezen, aan wie zou ik dan voorrang geven – aan Jezus of Paulus?” Deze vraag is zo belangrijk dat Michael Hart in zijn academische lijst van de 100 meest invloedrijke mannen uit de geschiedenis hierover het volgende te zeggen had:

“Hoewel Jezus verantwoordelijk was voor de belangrijkste ethische en morele grondregels van het Christendom (in zover die zich van het Jodendom onderscheidden), was de Heilige Paulus de belangrijkste ontwikkelaar van de Christelijke Theologie, haar meest betekenisvolle missionaris en de auteur van een groot deel van het Nieuwe Testament.” [7]

Met betrekking tot de visie van Paulus:

“Hij vraagt zich niet af wat tot de dood van Jezus heeft geleid. Hij ziet enkel wat die voor hem persoonlijk betekent. Hij maakt van een man die de mensen tot de verzoening met God heeft opgeroepen een Verlosser. Hij maakt van een orthodoxe Joodse beweging een universele godsdienst die uiteindelijk met het Jodendom in aanvaring komt”. [8]

De drie belangrijkste punten waarin de theologie van Paulus in strijd is met deze van Jezus zijn cruciaal – elementen die zo belangrijk zijn dat het afwijken van de Waarheid de Verlossing van een mens in het gedrang brengt. In volgorde van hun belangrijkheid, worden ze hier opgesomd:

1/ De goddelijke natuur van Jezus, die in de theologie van Paulus wordt verondersteld, tegenover de uniciteit van God die door Jezus werd onderricht.

2/ Rechtvaardiging door het geloof, zoals Paulus het voorstelt, tegenover de Wet van het Oude Testament, zoals die door Jezus werd bevestigd.

3/ De stelling dat Jezus een universele Profeet was, volgens Paulus, tegenover een etnnische Profeet, volgens de leer van Jezus Christus. [9] Het is wel interessant dat het net die drie punten zijn die het Christendom niet alleen qua doctrine onderscheiden van het Jodendom, maar ook van de Islam. Gaan we met een theologische wijsvinger terug langs de ruggengraat van het geopenbaarde monotheïsme, dan lijkt het Christendom van de Drieëenheid een ontwrichte wervel.

Om terug te komen op het eerste van deze punten: er is over Jezus vastgelegd dat hij de eenheid van God heeft onderwezen, zoals in Marcus 12:29:

“Jezus antwoordde: ‘Het eerste (gebod) is dit: Luister, Israël, de Heer onze God is de enige Heer.”  En er is ook nog overgeleverd dat Jezus verderging: “Gij zult de Heer uw God liefhebben met heel uw hart en met heel uw ziel, met heel uw verstand en met heel uw kracht.” (Marcus 12:30 – nota van de vertaler) en hij eindigde met de nadruk op zijn eerste gebod: “Een ander gebod, groter dan deze twee, is er niet.” (Marcus 12:31)  Jezus beklemtoonde het belang ervan niet alleen door zijn uitspraak in te klemmen tussen het herhaalde en benadrukte “Dit is het belangrijkste gebod”, maar het belang van deze onderrichting wordt even sterk onderlijnd in Mattheus 22:37 en Lucas 10:27, verder aangevuld met het eerste gebod zoals het is overgeleverd in Exodus 20:3: “Gij zult geen andere goden naast mij hebben.”

Jezus haalde deze onderrichting uit Deut. 6:4-5 (zoals alle gezaghebbende bijbelcommentaren hebben erkend), maar de theologie van Paulus ontwikkelde op de een of andere manier concepten die werden geëxtrapoleerd (veralgemeend, doorgetrokken – nota van de vertaler) om wat we vandaag als de Drieëenheid kennen te onderbouwen. Men vraagt zich af hoe. Jezus beriep zich op het Oude Testament; waarop beriepen de theologen van Paulus zich? Overduidelijk afwezig in de leer van Jezus is het feit dat hij aan God gelijk wordt beschouwd. Als het zo was, was er nergens in het hele Nieuwe Testament een betere tijd of plaats voor Jezus om zijn deelgenootschap aan de goddelijkheid te verklaren. Maar dat deed hij niet. Hij zei niet: “Luister, Israël, de Heer onze God alleen is uw Heer – maar zo simpel is het niet, dus zal ik het u eens uitleggen…”

VOETNOTEN
[1] Lehmann, Johannes pag. 125-6
[2] Lehmann, Johannes pag. 128
[3] Lehmann, Johannes pag. 134
[4] Carmichael, Joel pag. 270
[5] Wrede, William. 1962. “Paul”. (vertaald naar het Engels door Edward Lummis) Lexington, Kentucky: American Theological Library Association Committee on Reprinting. pag. 163.
[6] Weiss, Johannes. 1909. “Paul and Jesus”. (vertaald naar het Engels door Rev. H. J. Chaytor). London and New York: Harper and Brothers. pag. 130.
[7] Hart, Michael H. “The 100, A Ranking of the Most Influential Persons in History” (De 100 – Een lijst van de meest invloedrijke personen in de geschiedenis). pag. 39 in de editie uit 1978 door Hart Publishing Co.; pag. 9 van de editie uit 1998 door Citadel Press. Stel je voor…
[8] Lehmann, Johannes. pag. 137.
[9] Jezus Christus was een van de Profeten in de lange reeks van Profeten die werden gezonden om de dwalende Israëliten te leiden – zoals Jezus Christus het zo duidelijk bevestigde: “Ik ben enkel gezonden tot de verloren schapen van het Huis van Israël.” (Mt 15:24). Toen Jezus zijn apostelen uitzond op de Weg van God, gaf hij hen zodanige instructies dat hierover geen onzekerheid kon ontstaan: “Gaat niet op de weg van de heidenen en trekt niet naar de steden van de Samaritanen, maar gaat veeleer naar de verloren schapen van het Huis van Israël.” (Mt 10:5-6) Tijdens zijn hele zending is er niet één keer over hem verteld dat hij zelfs maar één heiden zou hebben bekeerd. Er wordt zelfs bericht dat hij een heidense vrouw zou hebben terechtgewezen omdat ze zijn gunst zocht, waarbij hij haar met een hond vergeleek. (Mt 15:22-28 en Mc 7:25-30). Dan vraag je je af wat dit betekent, nu, voor hen die Jezus tot hun “persoonlijke Verlosser” hebben gemaakt en beweren in zijn naam te spreken…
 
Copyright © 2007 Laurence B. Brown 
 Toestemming is verleend voor gratis en onbeperkte reproductie, indien volledig gereproduceerd en zonder weglatingen, toevoegingen of wijzigingen.
Als gediplomeerde van de Cornell Universiteit, de Medische School van de Brown Universiteit en het Universitair Hospitaal George Washington, is Laurence B. Brown oogheelkundig chirurg, gepensioneerd officier van de luchtmacht en medisch directeur en hoofd ophtalmologie van een belangrijk centrum voor oogzorg. Hij is bovendien een aangesteld bedienaar voor interreligieuze relaties, met een doctoraat theologie en een PhD in godsdienst, en auteur van een aantal boeken over vergelijkende godsdienstwetenschappen en fictie die op realiteit stoelt. U kan zijn werk vinden op zijn website: www.LevelTruth.com
Dit bericht werd geplaatst in pre-Islam en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.