Maakt God fouten?

Hier vind je enkele voorbeelden die ik voor je haalde uit een artikel met de naam “101 tegenstrijdigheden in de Bijbel”. Ik heb de volgorde zo aangepast dat de stukken die bijeen horen ook samen staan, verdeeld over enkele ondertitels.

Laat de titel van het oorspronkeijke artikel je niet afschrikken! Het is geen triomfkreet of verwijt, maar een vaststelling waarmee ook exegeten instemmen. Je zal trouwens merken dat je een deel ervan zèlf al hebt aangevoeld … en genegeerd. Hier en daar zal je – vast en zeker – denken: “Ha, dus toch? Ik dacht al dat ik dit verhaal anders had gehoord!” Dat is namelijk wat er gebeurt wanneer iemand ons vol enthousiasme het éne verhaal vertelt en we – een jaar later, bij de volgende cyclus van de lectuur in de kerk – het verhaal net iets anders horen…

Ik zou met Augustinus durven zeggen:
God is volmaakt. Hij maakt geen fouten en vergist zich niet.
Daaruit volgt dat als er iets in de Bijbel staat wat niet klopt,
het niet van Hem kan zijn…

Hoe ga je anders om met zaken als dit?

– Wat was de naam van de moeder van Koning Abijah?

(a) Maächa of Micha, dochter van Uriel van Gibeah (2 Kronieken 13:2)
(b) Maächa of Micha, dochter van Absalom (2 Kronieken 11:20)
Maar Absalom had slechts één dochter, en die heette Tamar… (2 Samuel 14:27)

– Ezra 2:64 en Nehemia 7:66 zijn het erover eens dat het totaal aantal deelnemers van de bijeenkomst 42.360 was. Maar de cijfers kloppen niet in het minst. Als we de som maken van wat elk boek opsomt, dan zijn dit de eindresultaten:

(a) 29.818 bij Ezra
(b) 31.089 bij Nehemia

– Welke zoon van Zerubbabel behoorde tot de voorouders van Christus?

(a) Abiud (Mattheus 1: 13)
(b) Rhesa (Lucas 3:27)
De zeven zonen van Zerubbabel zijn echter Meshullam, Hanania, Hashubah, Ohel, Berechia, Hasadiah, Jushabhesed (1 Kronieken 3:19-20)
… Abiud en Rhesa passen hier nergens in!

– Hoe lang mag een mensenleven duren?

(a) God besliste dat de levensduur van de mensen zou worden beperkt tot 120 jaar. (Genesis 6:3)
(b) Zoveel mensen, zelfs de eerste mens Adam, hebben sindsdien langer dan 120 jaar geleefd: Arpachshad werd 438, zijn zoon Shelah 433. Zijn zoon Eber leefde dan weer 464 jaar, enzovoort… (Genesis 11:12-16)

– De Bijbel vertelt dat, in antwoord op elk mirakel van Mozes en Aaron, de magiërs “hetzelfde” deden door hun toverkunsten. En dan wordt het volgende verhaald:

Mozes en Aaron veranderden al het water van de Nijl in bloed (Exodus 7:20-21) en … de magiërs deden hetzelfde! (Exodus 7:22) Maar dat is onmogelijk, aangezien er geen water meer kan over zijn om in bloed te veranderen!

 


OUD TESTAMENT

– De gevolgen van het eten van de vruchten van de verboden boom:

(a) Er werd Adam gezegd dat hij dezelfde dag zou sterven, als hij van de verboden vruchten at. (Genesis 2:17)
(b) Adam at van het fruit en leefde tot de gezegende leeftijd van 930 jaar. (Genesis 5:5)

– Hoeveel paren van de reine dieren moest Noach van God meenemen in de Ark?

(a) Twee. (Genesis 6:19, 20)
(b) Zeven. (Genesis 7:2) Maar ondanks deze richtlijn, werden toch slechts twee paren van elk meegenomen : Genesis 7:8-9.

– Wie zette David aan om de strijdbare mannen van Israël te tellen?

(a) God. (2 Samuel 24: 1)
(b) Satan. (1 Kronieken 21:1)

– Hoeveel strijdbare mannen werden er bij die telling in Israël gevonden?

(a) Achthonderdduizend. (2 Samuel 24:9)
(b) Eén miljoen honderdduizend. (1 Kronieken 21:5)

– Wanneer bracht David de Ark van het Verbond naar Jeruzalem? Was dat voor of na de nederlaag van de Filistijnen?

(a) Erna. (2 Sam 5: David verslaat de Filistijnen > 2 Sam 6: Ark naar Jeruzalem)
(b) Ervoor. (1 Kron 13: de Ark gehaald > 1 Kron 14: Filistijnen overwonnen)

JEZUS : VOOR ZIJN OPENBAAR LEVEN

– Wie was de vader van Jozef, de echtgenoot van Maria?

(a) Jakob. (Mattheus 1:16)
(b) Eli. (Lucas 3:23)

– Van welke zoon van David was Jezus de afstammeling?

(a) Salomo. (Mattheus 1:6)
(b) Natan. (Lucas 3:31)

– Zou Jezus de troon van David kunnen erven?

(a) Ja, dat heeft de engel gezegd. (Lucas 1:32)
(b) Neen, aangezien hij een afstammeling is van Jojakim. (1 Kronieken 3:16 : Jojakim – vader van Jechonja, ook Jojakin – vader van Sidkia en  Mattheus 1) Jojakim was door God vervloekt: geen van zijn afstammelingen zal ooit op de troon van David zitten. (Jeremiah 36:30)

– Was het leven van de baby Jezus in gevaar in Jeruzalem?

(a) Ja, daarom vluchtte Jozef met hem naar Egypte en bleven ze er tot na de dood van Herodes. (Mattheus 2:13 23)
(b) Neen. De familie is niet gevlucht. Ze boden het kind met een gerust hart aan in de Tempel van Jeruzalem, volgens de Joodse gebruiken, en keerden dan naar Galilea terug. (Lucas 2:22-40)

JEZUS : ZIJN MISSIE EN LEVEN

– Herkende Johannes de Doper Jezus voor zijn doopsel?

(a) Ja. (Mattheus 3:13-14)
(b) Neen. (Johannes 1:32-33)

– Herkende Johannes de Doper Jezus nà zijn doopsel?

(a) Ja. (Johannes 1:32-33)
(b) Neen. (Mattheus 11:2)

– Waar was Jezus gedurende de drie dagen na zijn doopsel?

(a) Na zijn doopsel “dreef de geest hem weg, recht de woestijn in. Hij bleef in de woestijn, veertig dagen…” (Marcus 1:12-13)
(b) De dag na het doopsel koos Jezus twee leerlingen uit. Op de tweede dag ging hij naar Galilea – en vond nog twee leerlingen. Op de derde dag was er de bruiloft in Kana, in Galilea. (Johannes 1:38; 1:43; 2:1-11)

– Waar heeft Jezus Simon Petrus en Andreas voor het eerst ontmoet?

(a) Bij het Meer van Galilea. (Mattheus 4:18-22)
(b) Op de oever van de Jordaan. (Johannes 1:42). Daarna pas besloot Jezus naar Galilea te gaan. (Johannes 1:43)

– Toen Jezus Kafarnaüm binnenkwam, genas hij de slaaf van een centurio. Is die centurio hem dat persoonlijk komen vragen?

(a) Ja (Mattheus 8:5) – hier is zelfs sprake van zijn kind, niet zijn slaaf.
(b) Neen. Hij stuurde enkele van de Joodse oudsten (notabelen). (Lucas 7:3,6)

– Heeft Jezus de Tempel gereinigd op dezelfde dag waarop hij in Jeruzalem aankwam?

(a)  Ja. (Mattheus 21:12)
(b)  Neen. Hij ging de Tempel binnen en keek rond, maar omdat het al zo laat was, ondernam hij niets. Hij ging daarentegen naar Bethanië om er de nacht door te brengen en kwam de volgende morgen terug om de Tempel te zuiveren. (Marcus 11:11-17).

– De Evangeliën zeggen dat Jezus een vijgenboom heeft vervloekt. Is de boom in één keer verkommerd?

(a) Ja, terstond. (Mattheus 21:19)
(b) Neen. De boom verdorde overnacht. (Marcus 11: 20)

JEZUS : LIJDEN EN DOOD

– Heeft Judas Jezus gekust?

(a) Ja. (Mattheus 26:48-50)
(b) Neen. Judas raakte niet dicht genoeg om Jezus te kussen. (Johannes 18:3-12)

– Wat heeft Jezus gezegd over de loochening van Petrus?

(a) “Wanneer de haan kraait, zul je me driemaal verloochend hebben.”
(Johannes 13:38).
(b) “Nog voordat de haan twee keer kraait, zal je mij drie keer verloochenen.” (Marcus 14:30).
Toen de haan een eerste keer kraaide, hadden de drie loocheningen nog niet plaats gevonden. (Marcus 14:72) Dus is de voorspelling onder (a) niet uitgekomen.

– Heeft Jezus zijn eigen kruis gedragen?

(a) Ja. (Johannes 19:17)
(b) Neen. (Mattheus 27:31-32)

– Waar bevond Jezus zich op het zesde uur van de dag van zijn kruisiging?

(a) Aan het kruis. (Marcus 15:23)
(b) Voor Pilatus. (Johannes 19:14)

– Werd Jezus gekruisigd op de dag voor het Paasmaal of de dag erna?

(a) Erna. (Marcus 14:12-17)
(b) Ervoor. Voor het Paasfeest ging Judas ’s nachts naar buiten (Johannes 13:30). De andere leerlingen dachten dat hij nog voorraad ging bijkopen voor het bereiden van het Paasmaal (Johannes 13:29). Toen Jezus werd gearresteerd, betraden de Joden het pretorium van Pilatus niet, omdat ze rein wilden blijven voor het Paasfeest (Johannes 18:28). Toen het oordeel over Jezus werd uitgesproken was het rond het zesde uur van de voorbereidingsdag voor het Paasfeest. (Johannes 19:14)

– Wat was de precieze tekst aan het kruis?

(a) “Dit is de koning van de Joden” (Mattheus 27:37)
(b) “De koning van de Joden” (Marcus 15:26)
(c) “Dit is de koning van Joden” (Lucas 23:38)
(d) “Jezus de Nazoreeër, koning van de Joden” (Johannes 19:19)

– Is Jezus gestorven nog voor de voorhang van de Tempel scheurde?

(a) Ja. (Mattheus 27:50-5 1;Marcus 15:37-38)
(b) Neen. Nadat de voorhang was gescheurd, heeft Jezus met luide stem geroepen: “Vader, in Uw handen beveel ik mijn geest!” En nadat hij dat had gezegd, stierf hij. (Lucas 23:45-46)

– Bad Jezus tot de Vader om de kruisiging te vermijden?

(a) Ja. (Mattheus 26:39; Marcus 14:36; Lucas 22:42)
(b) Neen. (Johannes 12:27)

– In de Evangeliën die zeggen dat Jezus bad om niet gekruisigd te worden: hoe vaak ging hij weg bij zijn leerlingen om te bidden?

(a) Drie keer. (Mattheus 26:36-46 en Marcus 14:32-42)
(b) Eén keer. Er wordt geen ruimte gelaten voor de andere twee keren. (Lucas 22:39-46)

– Mattheus en Marcus zijn het erover eens dat Jezus de groep drie keer verliet om te bidden. Wat waren zijn woorden tijdens het tweede gebed?

(a)  Marcus geeft de woorden niet, maar zegt dat het dezelfde waren als tijdens het eerste gebed. (Marcus 14:39)
(b)  Mattheus geeft ons de woorden wel, en we zien dat ze niet dezelfde zijn als in het eerste gebed. (Mattheus 26:42)

– Wat zei de centurio toen Jezus stierf?

(a) “Waarlijk, die man was een rechtvaardige.” (Lucas 23:47)
(b) “Inderdaad, die man was de Zoon van God.” (Marcus 15:39)

– Is Jezus opgestegen naar het Paradijs op dezelfde dag als de kruisiging?

(a) Ja. Hij heeft aan de dief die hem verdedigde gezegd: “Vandaag nog zul je bij Mij zijn in het Paradijs.” (Lucas 23:43)
(b) Neen. Twee dagen later heeft hij aan Maria Magdalena gezegd: “Ik moet nog opstijgen naar de Vader.” (Johannes 20:17)

JEZUS : HET GRAF

– Werd het lichaam van Jezus in kruiden gewikkeld voor de begrafenis, volgens de Joodse begrafenisgebruiken?

(a) Ja, en zijn vrouwelijke volgelingen waren er getuige van. (Johannes 19:39-40)
(b) Neen. Jezus werd gewoon in een linnen lijkwade gewikkeld. Daarna kochten de vrouwen kruiden en bereidden ze die “om hem (Jezus) te gaan zalven.” (Marcus 16:1)

– Wanneer hebben de vrouwen de kruiden gekocht?

(a) “Toen de Sabbat voorbij was.” (Marcus 16:1)
(b) Nog voor de Sabbat. De vrouwen “maakten kruiden en balsem klaar”. Daarna: “Op  de Sabbat namen ze de voorgeschreven rust in acht.” (Lucas 23:55 tot 24:1)

– Op welk moment van de dag gingen de vrouwen naar het graf?

(a) “… bij het aanbreken van de eerste dag.” (Mattheus 28: 1)
(b) “…na zonsopgang.” (Marcus 16:2)

– Met welk doel gingen de vrouwen naar het graf?

(a) Om het lichaam van Jezus met kruiden te balsemen. (Marcus 16: 1; Lucas 23:55 tot 24: 1)
(b) Om naar het graf te kijken. Hier wordt niets gezegd over kruiden. (Matt. 28: 1)
(c) Zonder specifieke reden. In dit Evangelie was het lichaam al voor de Sabbat gebalsemd. (Johannes 20: 1)

– Er lag een grote zware steen voor de ingang van het graf. Waar was die steen bij de aankomst van de vrouwen?

(a) Ze zagen “dat de steen weggerold was.” (Marcus 16:4) “Ze vonden de steen weggerold van het graf.” (Lucas 24:2) Ze zagen dat de steen “voor de opening van  het graf was weggehaald.” (Johannes 20:1)
(b) Toen de vrouwen het graf naderden, daalde een engel neer uit de hemel, rolde de steen weg en sprak met de vrouwen.  (Mattheus 28:1-6) Mattheus maakte van de vrouwen getuigen van het spectaculair wegrollen van de steen.

– Heeft iemand de vrouwen verteld wat er met het lichaam van Jezus was gebeurd?

(a) Ja. “Een jonge man in een wit gewaad” (Marcus 16:5-6). “Twee mannen … in stralend witte kleren”, die later werden beschreven als engelen. (Lucas 24:4 en 24:23) De engel die de steen heeft weggerold. (Mattheus 16:2) In elk van deze gevallen werd aan de vrouwen gezegd dat Jezus uit de dood was opgestaan. (Mattheus 28:6-7; Marcus 16:6)
(b) Neen. Maria zag niemand en keerde naar de leerlingen terug, zeggende: “Ze hebben de Heer uit het graf gehaald. Wisten we maar waar ze hem hebben neergelegd.” (Johannes 20:2)

– Wanneer heeft Maria Magdalena de verrezen Jezus voor het eerst ontmoet? En wat was haar reactie?

(a) Maria en de andere vrouwen zagen Jezus up hun terugweg, na hun eerste en enige bezoek aan het graf. Ze grepen zijn voeten en vielen voor hem op hun knieën neer. (Mattheus 28:9)
(b) Bij haar tweede bezoek aan het graf trof Maria Jezus vlak buiten het graf aan. Toen ze Jezus zag, herkende ze hem niet. Ze dacht dat hij de tuinman was. Ze dacht op dat moment nog altijd dat Jezus’ lichaam ergens te rusten was gelegd en eiste dat hij haar zou vertellen waar. Maar toen Jezus haar naam zei, herkende ze hem opeens en noemde ze hem “Meester”. Jezus zei haar: “Houd mij niet vast.” (Johannes 20:11 tot 17)

JEZUS : NA DE VERRIJZENIS

– Wat heeft Jezus zijn leerlingen opgedragen?

(a) “Ga mijn broeders vertellen dat ze naar Galilea moeten gaan. Daar zullen ze mij zien.” (Mattheus 28: 10)
(b) “Ga naar mijn broeders en zeg hen: ‘Ik stijg op naar mijn Vader die ook jullie Vader is, naar mijn God die ook jullie God is’.” (Johannes 20:17)

– Wanneer zijn de leerlingen teruggekeerd naar Galilea?

(a) Onmiddellijk, maar toen ze Jezus zagen in Galilea waren er sommigen die twijfelden. (Mattheus 28:17).
(b) Na minstens veertig dagen. Die avond hebben de leerlingen hun reis naar Galilea onderbroken, en zijn ze naar Jeruzalem teruggekeerd. (Lucas 24:33) Jezus verscheen er aan hen en droeg hen op in de stad te blijven “tot je wordt toegerust met kracht van boven.” (Lucas 24:49). Hij verscheen aan hen “gedurende veertig dagen” (Handelingen 1:3), en daarbij “drukte hij hen op het hart: ‘Ga niet uit Jeruzalem weg, maar blijf wachten op de belofte van de Vader…’.” (Handelingen 1:4)

PAULUS EN ZIJN “ROEPING”

– Op de weg naar Damascus zag Paulus een licht en hoorde hij een stem. Hebben degenen die bij hem waren die stem gehoord?

(a) Ja. (Handelingen 9:7)
(b) Neen. (Handelingen 22:9)

– Toen Paulus het licht zag, viel hij op de grond. Vielen zijn reisgezellen ook neer?

(a) Ja. (Handelingen 26:14)
(b) Neen. (Handelingen 9:7)

– Heeft die stem terplekke uitgelegd wat de taak van Paulus zou worden?

(a) Ja. (Handelingen 26:16-18)
(b) Neen. De stem beval Paulus om de stad Damascus binnen te gaan en daar zou hij dan te horen krijgen wat hij moest doen. (Handelingen 9:6 en 22:10)

Bron: http://www.islamway.com/english/images/library/contradictions.htm
Blijkbaar is deze link intussen verwijderd – ik vond het artikel opnieuw op
http://www.sunnahonline.com/ilm/dawah/0009.htm
Auteur van die lijst: Shabir Ally

Bron voor de Nederlandse Bijbelvertaling: http://www.willibrordbijbel.nl

 

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in pre-Islam en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.