Afscheid van een vriend…

Afscheidsoverwegingen van Allah
bij ons afscheid van de Ramadan

vertaalde transcriptie van “Parting Farewell Advise of Ramadan”
spreker: Nouman Ali Khan van Bayyinah.com

“De maand Ramadan is het waarin de Quran is neergezonden,
als Leiding voor de mensheid en als duidelijke bewijzen
van de Leiding en de Furqan.”

“Wie van jullie aanwezig is in de maand,
laat die dan vasten.
Maar wie ziek is of op reis,
dan is er een aantal andere dagen
(om het vasten in te halen).
Allah wenst voor jullie het gemakkelijke,
en Hij wenst niet voor jullie het ongemak.
En maakt het aantal vol en prijst Allah’s Grootheid,
omdat Hij jullie Leiding schonk.
En hopelijk zullen jullie dankbaar zijn.”

(De Edele Quran 2:185)

Ik weet dat allicht velen onder jullie het vers hebben herkend dat ik bij het begin heb gereciteerd. Het is het vers dat gewoonlijk door de khatib of de spreker wordt voorgedragen om ons de Ramadan binnen te leiden. En nu zijn we al aan het einde van de maand Ramadan gekomen en ik heb ervoor gekozen dit vers voor jullie te reciteren en enkele punten daaruit met jullie te delen.

Ik zou dit kort onderhoud met jullie graag de titel willen geven: “Advies van Allah bij het Afscheid”. Een afscheidsoverweging. Nu de Ramadan, deze prachtige vriend, ons verlaat, zijn er een paar zaken die we in gedachten moeten houden en die Allah zelf in dit mooie vers vermeldt.

Een eerste punt dat ik voor jullie wil toelichten:
De Quran is heel subtiel in zijn manier om ons iets te leren. Elk vers is als een prachtige schat, maar ook elk kleinste detail van het vers op zich is een parel, een diamant. Je moet dus goed op de kleine details letten. In ditzelfde stuk is Allah over het vasten begonnen:

“O jullie die geloven, het vasten is jullie verplicht
zoals het ook verplicht was voor hen
die voor jullie kwamen.
Hopelijk zullen jullie Taqwa verwerven”

(De Edele Quran 2:183).

En daarbij vermeldde Hij aan het eind van dat vers de bedoeling van het vasten: “La allahum tattaqoen”. Er is in het Arabisch een heel subtiel verschil tussen “li tattaqoe” en “la allakum tattaqoen”. Als je zegt “Li tattaqoe” dan zeg je “Het doel van het vasten is dat je Taqwa moet hebben.” A moet leiden tot B. Maar dat is niet wat Allah zegt. Hij zegt “La allahum tattaqoen”, de betekenis daarvan is veel omvangrijker. Weet je wat het betekent? “Hopelijk haal je er Taqwa uit.” – “Misschien haal je er Taqwa uit.” – “Je zou er echt Taqwa uit moeten halen.” Met andere woorden, Allah heeft geen garantie gegeven dat ons vasten tot Taqwa leidt. Maar Hij heeft wel vermeld dat, als je het goed doet en jouw deel correct uitvoert, je ook beloond wordt.

Dat deel heeft de Profeet (vrede en zegeningen over hem) ons uitgelegd. Hoe vast je op de juiste manier? “Man sana Ramadan imanan wa htisaban”: als je enerzijds het juiste geloof, de juiste houding en intentie hebt en anderzijds “ihtisab”, jezelf controleren en in de gaten houden (zoals je baas dat doet). Als je die twee kan realiseren, dan doe je je vasten correct en dan kan het zijn dat je aan het einde het geschenk van de vasten krijgt. Dat cadeau aan het eind is niet Eid, maar Taqwa.

Dus het eerste waarover ik het kort met jullie wil hebben
is het verband tussen vasten en Taqwa.
Laten we daarom eerst goed begrijpen wat Taqwa is
en waarom ik weiger het woord als “vrees” te vertalen.

Het woord “Taqwa” komt van het Arabisch “bukhaaya” en dat betekent “bescherming”. “Taqwa” betekent “jezelf beschermen”. Zoals op de Dag des Oordeels, wanneer alles vlak is en we nergens kunnen schuilen. Er zijn geen putten of gebouwen, omdat Allah alles vlak heeft gemaakt. Daar zegt Hij: “Wa kayfa tattaqoena in kaffartum…” – “Hoe wil je jezelf beschermen als je niet gelooft op een dag dat zelfs een baby grijs haar krijgt?” Het woord “Taqwa” dat Allah daar gebruikt heeft de betekenis van “jezelf beschermen”. Dus als we zeggen: “Heb Taqwa voor Allah” betekent dat: “bescherm jezelf ervoor dat je Allah teleurstelt, dat je Allah kwaad maakt, dat je Allah niet behaagt, dat je tot de verliezers gaat behoren…” Allah zegt “Fattaqatoe ‘Naar” – Hij zegt niet alleen “Heb Taqwa voor Allah maar ook voor het Vuur” – bescherm je tegen het Vuur, niet gewoon “vrees het Vuur”.

En hier is nog een reden waarom ik “Taqwa” niet als “vrees” wil vertalen.
De Imam heeft daarnet in het Witrgebed ditzelfde vers gebruikt. Shaytan zegt tegen de mens: “geloof niet” – en als die mens dan in Kufr vervalt zegt hij: “Ik heb met jou geen uitstaans! Dat heb je zelf gedaan.” En wat zegt hij daarna? “Inni aghaafu’ llah rabbi ‘l Aalamien“- Ik vrees Allah! Voor het woord “khauf” heb ik geen enkel probleem om het als “vrees” te vertalen. Zelfs Shaytan heeft “khauf”. Wij ook, maar wij hebben iets meer en beter: Taqwa! Laten we dat goed begrijpen – een voorbeeld: is de bankrover bang voor de politie? Ja. Maar toch overvalt hij de bank, niet? Vrees volstaat niet om hem ervan te weerhouden een misdadiger te zijn. Ook misdadigers zijn bang voor de authoriteiten. Wij gaan een stap verder en behoeden onszelf ervoor een misdaad te begaan. Taqwa bevat die vrees, maar ook wat je doet ten gevolge van die vrees. Taqwa is méér dan vrees en vereist ook meer.

Nu zegt Allah dat het doel van het vasten Taqwa is. Feit is dat jij en ik ons de hele dag lang op een bepaalde manier moeten gedragen. We hebben gelegenheden om Allah te gehoorzamen, of Hem ongehoorzaam te zijn. Soms doen die zich voor terwijl iedereen toekijkt, en soms is er niemand die ons ziet. Wat jij op de radio beluistert in je wagen horen alleen jij en Allah. Hij heeft een paar opname-diensten op je schouders geïnstalleerd – maar verder is er dus niemand die weet wat er gebeurt. Ook niet met wie je praat aan de telefoon, wat je in je browsergeschiedenis wist, hoe je de mensen op je werk behandelt… Het is allemaal tussen jou en Allah. Geen andere betrokkenen. Vaak zijn we ons daar niet van bewust. Zelfs de Muslim slaagt er niet in voortdurend aan te voelen dat Allah toekijkt, dat hij moet oppassen. We verliezen dit besef.

Tijdens het vasten schreeuwt ons lichaam er actief om dat we Allah ongehoorzaam zouden worden. Het is warm, heet zelfs (de spreker zit in Texas, woestijntemperaturen – duidelijk niet in België…), en je hebt dorst. De hele dag door moeten we aan ons lichaam zeggen: “Nee, wacht op Maghrib. Nee, nu nog niet.” Op die manier ben je er actief mee bezig jezelf ertegen te beschermen dat je Allah ontevreden maakt. Zelfs al vergeet jij dat je aan het vasten bent, je lichaam laat het je niet vergeten en je moet letterlijk tegen je maag zeggen “nu niet, wacht nog een paar uur. Volhouden.” Dit is een training! Ons lichaam schreeuwt om iets, en wij moeten onszelf zelfs van halal, van toegestane zaken, weerhouden. Eens deze maand training voorbij is, zegt Allah “ga maar terug, je mag die halal zaken hebben, maar door die training moet je nu in staat zijn weg te blijven van wat haraam is!

Die “training” is belangrijk! Wie op training gaat, mag geen dag overslaan. Het is een heel gecondenseerd programma van een aantal dagen en je mag er geen enkele van missen of je wordt gediskwalificeerd. Nu is het zo dat voor de openbaring over de Ramadan de Profeet (vrede en zegeningen over hem) ook al vastte. Allah noemt dat “Al yaman ma ‘ludaat“- een paar dagen – waarbij “ma ‘ludaat” erop duidt dat het er minder dan tien (per maand) waren: de middelste drie dagen van de maand en dan nog een paar, tot maximaal negen, enzovoort. In die tijd had je de keuze als je eens een vastendag miste: je kon hem inhalen of je mocht de armen voeden.

En toen verkondigde Allah de Ramadan. Dat is niet “enkele” dagen, maar … dertig. Het is dus al moeilijker. En als je nù om een of andere reden een vastendag mist (je bent ziek of op reis) heb je nog maar één mogelijkheid: de dag later inhalen. Wat was de andere optie? Armen voeden, maar dat kan nu niet meer. (De Fiqhgeleerden vermelden wel enkele uitzonderingsgevallen, maar voor jou en mij geldt die optie niet meer.) Er zijn nu dus méér vastendagen en het is ook nog eens zwaarder omdat je geen dag vrij krijgt, tenzij je hem inhaalt! Het is dus moeilijker geworden. En aan het einde van dat alles zegt Allah: “Yuriedu Allahu bikumu alyusra”… “Allah wenst gemak voor jullie…”!

Momentje zeg! Allah heeft het toch net zoveel moeilijker gemaakt! En dan zegt Hij dat Hij gemak voor ons wil?! Subhaan Allah! En weet je wat? Jij en ik denken dan meteen “Jamaar zeg, het is zomer!” Maar denk eens aan de tijd toen dit vers werd geopenbaard? De hete zomers van Mekka en Medina… Geen wagen met airco, geen klimaatregeling in huis, zelfs geen ventilators. De hele dag onder de brandende zon… Wij komen even buiten, twintig minuutjes, en we klagen al van koppijn… De Sahaba vastten in Medina, in die tijd… en Allah zegt tegen hen: “Dit is makkelijk voor jullie! Ik wil dat de zaken gemakkelijk zijn voor jullie.”

Weet je wat dat betekent? “Hoe moeilijk dit nu ook is, Ik wil dat je leert Taqwa te hebben door dit vasten. En als je die Taqwa verwerft, zal je leven later heel gemakkelijk zijn.” Nu een beetje trainen en je krijgt erna in dit leven wat je eruit moet halen, namelijk Taqwa. En waartoe leidt dat in het volgende leven? Jennah! En wat is Jennah? Al Yusr, een heerlijk gemakkelijk leven. En als je die Taqwa niet haalt, wat komt er dan? Denk je echt dat dit moeilijk is?! Dit is niks vergeleken bij wat nog komt. “Wa la yuridu bikumu al’usra” – Allah wil geen moeilijkheid voor je, maar goede dingen.

Dat was dus het eerste punt dat ik met jullie wilde delen: de fysieke band tussen vasten en Taqwa. Ik weet dat de Profeet (vrede en zegeningen over hem) ons zegt dat het vasten ook bestaat uit vasten met de ogen en de tong, uit letten op waar we heen gaan en hoe we ons gedragen tegenover anderen, hoe we onze woede beheersen, … Vasten slaat op zoveel. Maar het MINIMUM is eten en drinken laten. Er zijn er onder ons die lastig worden als ze honger hebben, hun vrouw afsnauwen of om een niets boos worden op de kinderen… En als je vraagt waarom – “ik vast”. Het moet net omgekeerd werken! Als je vast, word je geacht juist meer geduld te hebben! “Inni saa’im” – “ik zeg niets want ik ben aan het vasten”, zelfs als mensen je beledigen. Maar ik heb het nu niet over dat hogere niveau. We hebben het gewoon over wat Allah zegt: gewoon het eten laten, daarvan alleen al is het doel er Taqwa door te verwerven.

Een laatste punt voor we overgaan naar het volgende vers.
Er zijn twee mensen. Ze willen allebei een plant kweken. Ze hebben allebei een gelijkwaardig stuk grond, evenveel zon, ze geven water en meststof, … Ze doen al het nodige, verzorgen het, wieden en harken… Maar één van hen heeft een zaadje in de grond gestopt en de ander niet… Ze leveren allebei dezelfde inspanning, maar voor de één zal het iets opbrengen en voor de ander niet! Al doet hij exact hetzelfde werk, het levert hem niets op. Mijn punt hier is dat, als wij het voornemen hebben om Taqwa te halen uit de Ramadan en er ons dan voor inzetten – die inspanning gaan we sowieso leveren – dan zullen we de bloem zien! Zonder die intentie is de vasten gewoon een dieetplan, en de meesten zullen aan het einde van de maand toch nog zijn aangekomen omdat alles wat je aan het eind van de dag eet gefrituurd is. En dan wordt Qiyaam (nachtgebed) moeilijk vanwege wat je hebt gegeten… Subhaan Allah. In de eerste helft van de dag blijf je niet overeind omdat je niet hebt gegeten, en in de tweede helft kan je het niet omwille van wat je gegeten hebt! Dat gebeurt bij zovelen van ons. Dus zeg ik: plant het zaadje!

Nu zeg je misschien:
Waarom heb je dat niet bij het begin van de vasten gezegd?!
De daden worden niet alleen beoordeeld door hun intentie,
maar op basis van hun uiteindelijke intentie.
Het is dus nog niet voorbij, je kan het nog herstellen!

Ik heb verteld dat Allah wanneer Hij het vasten vermeldt ook het doel ervan vermeldt: Taqwa. Maar dat is niet wat Hij over de Ramadan heeft gezegd! Als wij aan “vasten” denken, zeggen we “Ramadan”. En omgekeerd. Maar Allah maakt een onderscheid. Allah zegt: “De maand Ramadan is de maand waarin de Quran is geopenbaard.” Het eerste dat we volgens Allah over de Ramadan moeten weten, is dat het de maand van de Quran is. Vasten heeft zijn eigen doelstelling. Dat stond al van voor de Ramadan vast. Maar wat deze maand zo bijzonder maakt… Het is alsof we deze maand ook vasten om een grote gebeurtenis te gedenken, namelijk dat de Quran in deze maand is neergedaald. De Quran is de reden waarom we deze maand vasten. En dan prijst Allah de Quran met het eerste deel van dit vers: “De Leiding voor de mensheid, duidelijke bewijzen, de Leiding en de Furqan.”

Al denken we uiteraard vooral aan vasten, toch moet onze geest zich deze maand eigenlijk concentreren op de Quran. Waarom? Aan het begin van dit hoofstuk (Soera Baqarah) zegt Allah:

“Dit is het Boek waaraan geen twijfel is,
een Leidraad voor de Muttaqoen.”

(De Edele Quran 2:2).

Jij en ik, wij vragen om Leiding te ontvangen door de Quran. De Quran is tot ons gekomen in de maand Ramadan. Allah zegt: “Ik zal niemand leiden aan de hand van de Quran, behalve mensen die … Taqwa hebben.”… Dus: vast opdat je Taqwa verwerft… en luister dàn naar de Quran zodat hij je Leiding biedt! Want als je naar de Quran luistert zonder dat je Taqwa hebt, zal het je niet helpen.

Subhaan Allah! Zie je hoe volledig die training-maand ineen zit!
Eerst moet je de voorwaarden vervullen. Om leiding te kunnen krijgen is de voorwaarde Taqwa. Haal die uit het vasten. En als dat gebeurd is en je bent fris en alert, ga dan voor Allah staan in de Salaah en luister naar de Quran, want nu kan je de Leiding van Allah vatten en waarderen. Wat een complete opleiding! Dat is dus één aspect (van de Ramadan). En ik heb al gezegd dat Taqwa het doel is van de vasten. Maar Allah vermeldt nog een andere doelstelling voor de maand Ramadan. Hij noemt verschillende einddoelen voor de maand Ramadan. Verschillende, niet slechts een:

– Allah zegt (ruwe vertaling van “Faa ayddatun”): “Ik heb jullie deze keer geen dagen vrij gegeven, en je mag deze keer geen liefdadigheid in de plaats geven. Wat je mist, moet je inhalen, en àls je iets mist zal je daar een heel goede reden voor moeten hebben!” En als je dan toch een dag mist, is dit de reden van deze training: zodat je “al Aidda”, het aantal, vol maakt. “Aidda” verwijst naar een heel beperkt aantal dagen, een heel specifieke termijn. In het antieke Arabisch werd het woord ook gebruikt voor “je leven”: jij en ik zullen een welbepaald aantal dagen doorbrengen op aarde. Daar kunnen we niets aan toevoegen of ervan afnemen, zelfs geen uur, minuut of seconde. In deze Soera zegt Allah ons dat we uiteraard het aantal dagen van de maand vol moeten maken, maar ook wil Hij dat we al onze dagen op aarde volbrengen met Taqwa, al onze dagen met Zijn Leiding. Deze maand is er dus om je voor te bereiden op de rest van je leven!

– Dan zegt Hij: “wa litukabbiru Allaaha”. Dit omvat trouwens drie betekenissen.

     1.   Zodat jullie de grootsheid van Allah verkondigen. Dat doen we al door het vasten zelf: het gebod van Allah is grootser, belangrijker dan mijn honger, grootser dan mijn dorst, mijn verlangen, mijn lichaam… Je leert al om Allah en niet jezelf tot de prioriteit voor je dag te maken. Als je daarin slaagt tijdens de Ramadan en daardoor leert om dat ook in je leven toe te passen, dan heb je de les van “wa litukabbiru Allaaha” geleerd.

2.  Wanneer is het dat we zeggen “Allahu Akbar”? Dagelijks, in de Adhan en in de Salaah, zodat je kan bidden op de manier waarop Allah je heeft geleid. Met andere woorden, dit is een maand van véél gebeden, van enorm veel bidden. Als je hierna terugkeert naar de gewone gebedsagenda zal je het gemakkelijk vinden: slechts 4 rakaat elke nacht in plaats van 4 + 20 + 3! Je moet dus Allahs grootsheid verkondigen in de Salaah.

3.   En dan is er de derde betekenis: wat doen we op de dag van Eid, als we het aantal dagen hebben vol gemaakt? Takbier van Allah, op weg naar het gebed. Ook dat is een betekenis van “wa litukabbiru Allaaha”.

Eén van de resultaten van de Ramadan, bovenop Taqwa, moet dus zijn dat we Allah een belangrijker plaats toekennen dan onszelf. “Wa litukabbiru Allaaha”… steunend op dat waarmee Hij ons heeft geleid, namelijk de Quran zelf. Als je je Leiding haalt uit de Quran, zal je weten wat Allah wil. Jij en ik weten al heel goed wat WIJ willen. Daar hebben we geen les over nodig. De Quran is een les over wat Allah wil. Nu moet je de twee, wat jij wil en wat Hij wil, maar met elkaar vergelijken en je leert prioriteiten stellen. Je maakt je eigen prioriteiten onderschikt aan wat Allah als prioriteit voor jou heeft gesteld.

– En dan komt na het vol maken van de dagen en het stellen van je prioriteiten, nog een doelstelling: “wa la aallakum tashkurun” – misschien, hopelijk worden jullie mensen die dankbaar zijn. De eerste twee keren gebruikte Hij “li”, maar nu niet. Nu is het: misschien zal je tegen het eind van de Ramadan dankbaar zijn! Wat betekent dat? Wanneer ben je dankbaar? Als je iets goeds is overkomen, als je een geschenk hebt gekregen… “Danku” is een antwoord op een geschenk en Allah zegt dat we aan het eind mensen moeten zijn geworden die “Danku” zeggen.

Rijst de vraag: waarvoor is het dat we Hem danken? Ik weet dat we Hem voor alles dankbaar moeten zijn. Maar hier, nu, specifiek in dit vers, waarvoor bedanken we Hem hier? We zijn Hem dankbaar voor twee zaken. Eerst al omdat Hij ons deze training geeft, die ons in ons verdere leven zal helpen. Mensen die afstuderen aan een goede school en nadien een succesvolle carrière uitbouwen, worden lid van de oudstudentenvereniging, doen schenkingen aan het Instituut omdat ze hun carrière daaraan danken. Wie deze training volbrengt, zal ook dankbaar zijn. Dankbaar voor het vasten en dankbaar voor de Quran. De Quran éérst trouwens, want de Quran wordt als eerste vermeld. Voor welk ander, groter geschenk dan de Quran kunnen we Allah danken? Wat moet er dus aan het einde van deze maand gebeuren? Jij en ik moeten mensen zijn geworden die door en door dankbaar zijn omdat we de Quran hebben.

Subhaan Allah!
Het doel van het vasten is Taqwa.
Het doel van het voltooien van de maand
is dat we dankbaar worden,
dat we waarderen wat we hebben.

Er zijn Qurraa die lange stukken reciteren. En ze proberen de recitatie van de hele Quran af te werken. Maar zelfs als dat niet lukt, ze reciteren een belangrijk stuk ervan. En hoe meer je ernaar luistert, hoe meer je waardeert en begrijpt wat Allah je heeft geschonken. En dus word je meer en meer dankbaar.

En nu je dankbaar bent, nu de training erop zit, nu je weet hoe je Allah’s grootsheid moet verkondigen en je hebt geleerd hoe je Allah blij kan maken, nu zegt Allah: “Nu mag je me alles vragen wat je wil!

“En wanneer Mijn dienaren jou vragen stellen over Mij:
voorwaar Ik ben nabij.”

(De Edele Quran 2:186)

Je hebt geleerd Allah te vrezen alsof Hij nabij is. Je hebt geleerd Hem als je prioriteit te stellen alsof Hij nabij is. En als het dan gaat over wat je mag vragen aan Allah, zegt Hij dat Hij ook dààrin nabij is: “Ik ben niet alleen nabij als het op straffen aankomt en je Mijn gezag op te leggen. Ik ben ook dichtbij je als je Mij om iets vraagt.”

“Ik verhoor de smeekbede van de smekende
wanneer Hij tot Mij smeekt.
Laten zij aan Mij gehoor geven en in Mij geloven.”

(De Edele Quran 2:186)

Dat laatste is belangrijk: “Idha da’an“, want mensen begaan fouten, doen iets wat ze niet hadden mogen doen. Je bent ergens waar je niet hoort, je komt uit de filmzaal of was bij slechte vrienden, een club… En terwijl je daar loopt, voel je je schuldig en heb je het gevoel dat je Du’a moet verrichten. Maar Shaytan komt ertussen: “Ga je Du’a verrichten in een club?! Dat hoort in de moskee, niet in de club!” Maar Allah zegt “wanneer ook!” Maakt niet uit wanneer je geweten je parten speelt of wat je hebt gedaan, Allah zal je smeekbede beantwoorden. En dan “Fal jastajieboennie” – Laat ze dan ook proberen Mij gehoor te geven. “Ik geef ze zoveel, Ik geef ze de garantie dat ze krijgen wat ze vragen, en Ik ben hen nabij.”

Daarom zeggen we in het gebed: “Sami Allahu liman hamidahu” – Allah hoorde iedereen die Zijn Lof heeft geprezen. (daarop fluistert de spreker iets heel stilletjes) Nu hoor je me niet he. Om me zo te horen, moet je heel dichtbij zijn. Toch zeggen we “Allah hoorde iedereen die Zijn Lof heeft geprezen.” Hoe kan Hij dat? Allah legt het uit:

“Ik ben je meer nabij dan je halsslagader.”
(De Edele Quran 50:16)

Je moet je hand stevig op je hals drukken om er de polsslag in te voelen, anders merk je er niets van. En Allah is ons meer nabij dan dat! En Hij hoort ons. De reden waarom ik dat hier vermeld is:

Het doel voor vasten was Taqwa,
het doel van de Ramadan was om ons dankbaar te maken,
en het geschenk aan het einde van die twee is
dat we nu eindelijk klaar zijn om Du’a te verrichten.
Nu zijn we in staat om aan Allah te vragen
en Hij opent de sluizen en geeft en geeft en geeft!

Er zijn mensen die uit de Ramadan geen Taqwa halen en niet waarderen wat Allah hen heeft gegeven, maar ze zullen wèl smeekbeden verrichten: “Ik heb geen zin om iets voor Allah te doen, maar Hij moet wel van alles voor mij doen. Ik bid niet, vast niet, eet niet halal en mijn inkomen is niet halal… Alles wat niet mag doe ik. Maar als ik iets nodig heb moet Hij klaar staan.” Een student vraagt Hem dat Hij hem zou laten slagen voor zijn examen. En als hij niet heeft gestudeerd, bidt hij gewoon nog wat extra. In dit vers zegt Allah: “Goed, bid maar tot Mij. Ik zàl antwoorden. Maar … zij moeten proberen ook Mij te horen, Mij te antwoorden. Zij vragen Mij iets, Ik vraag hen ook iets. En ze moeten doorgaan met in Mij te geloven.” Soms worden mensen ongeduldig nadat ze Du’a hebben verricht: “ik heb gisteren gebeden en mijn haar is nog niet teruggegroeid. Wat is er aan de hand?” Allah zegt ons te blijven vertrouwen: verricht je smeekbeden, probeer Mij ook te antwoorden en bewaar je geloof.

En als ze dat kunnen doen, zegt Hij, kunnen ze mensen worden “die goed zitten”.
Als je een “mens van Du’a” wordt en Iman in Allah hebt, dan garandeert Allah je dat je de goede kant op gaat. Waarom is dat? Du’a is een gesprek met Allah. Het einde van de Ramadan is het beste moment voor Du’a: “O Allah, onze training zit er net op. Aanvaard ze van ons, geef ons ons diploma. En nu vragen we U het een en ander voor onszelf, ons gezin, onze ouders en verwanten, de Muslims, onze eigen gebreken, onze Rizk (levensvoorziening)… Daar vragen we U om.” Het mooie van de Ramadan is dat je je bewust wordt van Allah. En als dat zo is, kan je met Hem praten zonder dat het onwennig voelt.

We verrichten voortdurend Du’a…
De meesten van jullie kennen smeekbeden uit het hoofd die ze doorlopend gebruiken, zoals “Rabbana aatena fi Dunya hassanat…”, “Allahumma salli ala Muhammad…”
Die hebben we allemaal wel uit het hoofd geleerd.
Maar dat is iets wat je gewoon opzegt. Je praat niet met Allah!

Als je bijvoorbeeld naar je baas gaat, dan reciteer je niet “krijg ik loonsverhoging?”. Je gaat naar hem toe en prààt met hem en je ervaart bewust dat hij daar voor je staat. Daarom,  als je alleen in de wagen zit, praat dan met Allah. Hij luistert! Praat met Hem! Je bent niet gek als je dat doet, echt niet. Er is niets psychotisch aan om in je eentje met Allah te praten. Als de mensen zich afvragen “Loopt die in zichzelf te praten?”, dan zeg je maar “Neenee, ik praat met Allah!” Dan kijken ze raar op.  – “Ben je gek? Ik zie hier niemand!” – “Nu, Hij is er anders wel voor wie gelooft in het Ongeziene. En Hij zegt trouwens dat Hij heel nabij is. Je moet het ook eens proberen.”

Praat met Allah!
Als je dat doet ga je, meer nog dan voorheen, geloven in Zijn aanwezigheid.
Mensen die niet met Hem praten, zijn zich niet van Zijn aanwezigheid bewust.

Als je met Hem praat dan staat het vast voor jou, gegrift in je hart, dat Hij er is en dat Hij luistert. En dan zit je goed. Dan wordt het moeilijk om nog van het pad af te wijken, want … je hebt net nog met Hem gepraat! Als wij met mekaar praten en we gaan daarna uiteen, dan ben ik niet meer bij je. Maar na je gesprek met Allah… Waar is Hij? Nog altijd daar, bij jou, voortdurend beschikbaar. En wanneer mag je met Hem praten? Bij belangrijke mensen moet je altijd een afspraak maken. Wat zijn de spreekuren van Allah? “Ik zal je smeekbede beantwoorden, wanneer je Me ook aanroept.”
Geen beperking in tijd, constant beschikbaar. Subhaan Allah! Dit is het geschenk dat aan het einde van de Ramadan komt.

Moge Allah ons maken tot hen die op de goede weg zitten.
Moge Allah ons laten horen tot degenen die weten
hoe ze oprecht Du’a tot Hem kunnen richten.

Leer tegen het einde van de Ramadan enkele Du’a uit het hoofd. Maar leer, als je dat doet, ook hun betekenis en draag ze niet gewoon voor maar ZEG ze Hem. Er is een groot verschil tussen reciteren en praten.

En moge Allah ons maken tot mensen
die Taqwa verwerven van deze maand,
die zich bewust worden van Hem in deze maand.

Moge Allah ons maken tot mensen
die oprecht dankbaar zijn voor de Quran vanwege deze maand.

Moge Allah deze maand maken tot wat hij hoort te zijn:
een training die ons voor de rest van ons leven Taqwa oplevert.

Moge Allah ons van zijn Rizk een nieuwe training gunnen, volgend jaar.

Moge Allah ons tot dan Hayyaa (leven) geven,
zodat we nog een Ramadan mogen genieten
en Hij ook die maand van ons aanvaardt.

Moge Allah ons onze gebreken tijdens deze maand vergeven,
onze luiheid deze maand, de dingen die we hadden kunnen doen
maar toch niet hebben gedaan, het kwaad dat we hebben gedaan
(ondanks het feit dat Shaytan er niet was: we hebben het helemaal zelf gedaan)

Moge Allah ons dat allemaal vergeven,
aangezien dit de maand van vergiffenis is.

Moge Allah ons leren mensen te worden
die goede verwachtingen koesteren over Hem
en hun hoop op Hem niet verliezen,
die Hem blijven vragen om alles wat ze nodig hebben.
Vooral Taqwa en Leiding.

Moge Allah ons Taqwa geven, en moge Hij ons Leiding geven.

Amien

Amien

 AMIEN!

bron: http://www.youtube.com/watch?v=D4MdNZWuQEY&feature=feedu

Dit bericht werd geplaatst in Ramadan, Sprokkels en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.