Ramadan – Juz per Juz (6)

JUZ 5 – Surat an-Nisaa’
HET RECHT VAN DE BUUR 
“Aanbid Allah en ken Hem in de aanbidding geen deelgenoten toe. 
En behandel je ouders, je verwanten, wezen, de armen, 
de buur die verwant is en de buur die een vreemde is op de beste wijze…” 
(De Edele Quran 4:36)
‘Ali bin Abio Talhah heeft gezegd dat Ibn ‘Abbas heft gezegd dat “de verwante buur” betekent: “de buur die ook een verwante is”, terwijl “de buur die een vreemde is” betekent dat hij geen verwante is. 
Er is een groot aantal Ahadith die de goede behandeling van de buur bevelen en wijzen op de enorme deugd van deze daad. Het is triestig dat deze daad de laatste tijd echter zo wordt verwaarloosd. Ik vraag u in alle oprechtheid: hoevelen onder ons kennen de namen van hun buren? Voor de meerderheid van de mensen die in het Westen leven zijn hun buren geen Muslims, en onze relatie met hen gaat niet verder dan dat we af en toe eens wuiven en hallo zeggen. Hoe zal het ons vergaan op de Dag dat we Allah ontmoeten, wanneer we hebben nagelaten om de mensen die ons het meest nabij zijn (ten minste toch wat de afstand betreft) in te lichten over de Boodschap van Allah? 
Laten we nu, om ons te helpen terugkeren naar deze edele praktijk en deze illustratie van hoe uitmuntend een Islamitisch gedrag is, kijken naar enkele van de Ahadith die deze daad prijzen en aanbevelen:
‘Abdullah ibn ‘Amr (moge Allah tevreden zijn over hem) liet een schaap slachten.
Hij vroeg zijn dienaar herhaaldelijk: “Heb je wat vlees (als geschenk)
naar onze Joodse buurman gestuurd?” Toen hij dat zei, voegde hij eraan toe:
“Ik hoorde Allah’s Boodschapper (Allah’s vrede en zegeningen over hem)  zeggen:
‘Jibriel heeft me herhaaldelijk aanbevolen om goed te zijn voor mun buur,
zozeer dat ik dacht dat hij hem (mijn buurman) tot mijn erfgenamen zou rekenen’.”
(Ahmad en At-Tirmidhi)
(met een gelijkaardige overlevering van Ibn ‘Umar in Bukhari en Muslim)
En ‘A’ishah (moge Allah tevreden zijn over haar) vroeg aan de Boodschapper van Allalh (Allah’s vrede en zegeningen over hem):
“Ik heb twee buren. Aan wie van hen moet ik dan mijn geschenk geven?”.
Hij zei: “De buur wiens deur het dichtst bij jou is.”
(Bukhari)
En Abu Hurairah (moge Allah tevreden zijn over hem) vertelt dat Allah’s Boodschapper (Allah’s vrede en zegeningen over hem) heeft gezegd:
“Al wie gelooft in Allah en de Laatste Dag  moet een goed woord spreken of zwijgen. En al wie gelooft in Allan en de Laatste Dag moet gastvrijheid betuigen tegenover zijn buur. En al wie gelooft in Allah en de Laatste Dag moet gastvrijheid betuigen aan zijn gast.” (Hierover heerst overeenstemming)
Hoe kunnen we dan goed zijn voor onze buren? 
Zoveel Muslims zijn verlegen en bang te worden afgewezen of bekritiseerd omwille van hun Dien, maar er is alhamdo li Allah een aantal manier om de funderingen te leggen voor een stevige relatie met de buur:
De volgende keer dat je levensmiddelen gaat inkopen, koop dan van een bepaald product wat extra en schenk het aan je buren. Ik heb dit in het verleden gedaan met koekjes. En toen mijn buren me verbaasd aankeken, vertelde ik ze dat mijn godsdienst mij opdraagt om mijn buren goed te behandelen en om een goede relatie met hen te onderhouden, en dat ik aan hen had gedacht toen ik de koekjes kocht. Ik heb heel wat goede burenrelaties verstevigd door zulke kleine attenties, alhamdo li Allah, en dat kan jij ook.  Bovendien wordt dit soort handeling ondersteund door de authentieke Hadith van Abu Dharr, die verklaart:
“Als je iets met saus kookt, vermeerder dan de saus
en stuur er wat van naar je buren.”

(hierover heerst overeenstemming)
Voor degenen die huizen hebben: maai het  gras van de buren als je dat van jou maait – met hun toelating uiteraard. Dit is een edele daad die iemand ooit voor mij heeft verricht en ik vergeet het nooit en  hem ook steeds het gevoel dat ik hen iets verschuldigd ben vanwege deze simpele, attente goede daad.
Wees attent voor je buren wanneer je gasten ontvangt, door geen lawaai te maken en zelfs door hen mee uit te nodigen als je een bijeenkomst houdt. Er is geen betere manier om hen de goedheid en schoonheid van de Islam te tonen dan door een uitnodiging, waardoor ze jou beter leren kennen en andere Muslims ontmoeten. Zelfs bij degenen die weigerachtig en negatief staan tegenover jouw inspanningen zullen je goed gedrag en het feit dat je ervoor zorgt hen niet te ergeren zelfs de hoogste barrières afbreken, insha’Allah. Houd de waarschuwing van Rasul Allah (Allah’s vrede en zegeningen over hem) in gedachten, toen hij zei:
“Hij zal het Paradijs niet binnen gaan,
hij wiens buur niet veilig voor hem is.”
(Muslim)
De volgende Ayah dat ik wil vermelden – al is het maar kort omdat ze niet veel uitleg nodig heeft – moet voor ons een sterke en machtige motivator zijn voor ons om te leren over de Sunnah van onze geliefde Boodschapper (Allah’s vrede en zegeningen over hem) en om die na te volgen: 
“En al wie Allah en de Boodschapper
(Allah’s vrede en zegeningen over hem) gehoorzaamt, 
zij zullen in het gezelschap zijn van degenen
die Allah met zijn Genade heeft begunstigd, 
van de Profeten, van de Siddiqien
(de volgelingen ven de Profeten die
de eersten en de belangrijksten waren
om in hen te geloven – zoals Abu Bakr As-Siddiq), 
van de martelaren en de rechtschapenen.
En hoe uitmuntend zijn deze gezellen!” 
(De Edele Quran 4:69)
‘Amr bin Murrah Al-Juhani heeft gezegd:
“Een man kwam bij de Profeet (Allah’s vrede en zegeningen over hem)
en zei: ‘O Allah’s Boodschapper! Ik getuig dat niets
waardig is te worden aanbeden, behalve Allah,
en dat jij de Boodschapper van Allah bent.
En ik bid  de vijf (dagelijkse gebeden),
ik geef de Zakah die ik op mijn rijkdom verschuldigd ben
en ik vast tijdens de maand Ramadan.’
De Boodschapper van Allah zei: ‘Al wie sterft in deze toestand
zal bij de Profeten, de waarachtigen en de martelaren zijn
op de Dag der Opstanding, zolang hij (en hij hief zijn vinger)
niet ongehoorzaam is aan zijn ouders’.”
(Sahih)
Deze Hadith gebeurde voor de Hajj verplicht werd gemaakt, en dat is de reden waarom hij hier niet wordt vermeld. En Allah weet het best. Ook heeft Anas overgeleverd:
“Een man vroeg aan de Profeet (Allah’s vrede en zegeningen over hem)
over het Uur (de Dag des Oordeels), zeggend ‘Wanneer zal het Uur zijn?’
De Profeet (Allah’s vrede en zegeningen over hem) zei:
‘Wat heb je ervoor voorbereid?’ De man zei:
‘Ik heb er niet veel voor voorbereid van het (vrijwillig) bidden en vasten,
maar ik houd van Allah en Zijn Boodschapper.’
De Profeet zei: ‘Je zult samenzijn met hen van wie je houdt.’
We waren nog nooit zo gelukkig geweest als
toen we die uitspraak van de Profeet hoorden
(‘Je zult samenzijn met hen van wie je houdt’).
Daarom houd ik van de Profeet, van Abu Bakr en ‘Umar,
en ik hoop dat ik bij  hen zal zijn vanwege mijn liefde voor hem,
al gelijken mijn daden niet op die van hen.”

(Bukhari)
Een korte uitleg bij deze laatste Hadith kan nuttig zijn, aangezien ze door velen verkeerd werd verstaan. De verklaring van deze Gezel (‘Ik heb er niet veel voor voorbereid van het (vrijwillig) bidden en vasten…’) verwijst enkel naar het  vrijwillige/ bijkomende. Hij was niet iemand die een van de verplichte gebeden of het verplichte vasten miste, maar  hij vergeleek zichzelf met de nobele Gezellen die ’s nachts zo lang wakker bleven om te bidden en die zo vaak vastten. Vergeleken met hem leek het of hij niets deed, omdat zijn vrijwillige daden zo beperkt waren. Dus zou het volbrengen van wat verplicht is en zijn verlangen om het vrijwillige te vermeerderen hem kwalificeren als iemand die houdt van Allah en Zijn Boodschapper. En daarom verwierp de Profeet (Allah’s vrede en zegeningen over hem) zijn verklaring niet en zei hij dat hij samen zou zijn met degenen van wie hij hield. En we vragen dat Allah ook ons rekent bij dat uitmuntende en edele gezelschap in Jennah, door Zijn Genade en Zijn grenzeloze Gaven. Amien!
En Allah weet het best.
 
 
Bron: http://muslimmatters.org/2008/09/02/ramadan-reflections-a-daily-journey-through-the-quran-2/
Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Ramadan en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.