Pareltjes van de Quran : Juz 12

Hij zei: “(Ik zoek mijn) toevlucht bij Allah.

Een overweging door Nouman Ali Khan
bij Juz 12, Surah 12, Vers 23


En zij in wier huis hij verbleef
probeerde hem te verleiden, tegen zijn wil.
En zij sloot de deuren en zij zei: “Kom hier.”
Hij zei: “(Ik zoek mijn) toevlucht bij Allah.
Voorwaar, Hij is mijn Heer,
(Hij geeft mij) mijn beste plaats.
Voorwaar, de onrechtplegers zullen niet slagen.”

Wat een moeilijke Juz om hier iets uit te kiezen! Nu, ik kon dan niet anders dan een Ayah te kiezen uit Surah Yusuf. Dus: Surah Yusuf, Ayah nummer 23. En in dit specifieke vers heeft Allah het over verleiding. Tja ik weet dat ik spreek voor mensen op youtube en facebook vooral, dus dacht ik dat ik best iets kon kiezen waar jonge mensen mee worden geconfronteerd: verleiding.

Dus Allah zegt: “Warawadathu alladhie hoewa fie baytiehaa”: Allah zegt dat de vrouw van de minister probeerde hem te verleiden. Het woord “raawada” wordt hier gebruikt, en dat stamt van “roewaid”, wat betekent “langzaam”. In het Arabisch betekent “roewaida” traag, langzaam. Dit roept het beeld op dat zij probeerde hem “binnen te halen”, ze probeerde hem te verleiden, maar dan niet één keer, maar volgehouden. Ze bleef proberen hem te krijgen, zoals: “Kom gewoon even hier, daar is niets mis mee. Je ziet er goed uit vandaag…” Hier een woord, daar een woord… En hij kan niet ontsnappen want Allah zegt: “alladhie hoewa fie baytiehaa” – “degene in wiens huis hij was”. En door te zeggen “baytiehaa”: het was hààr huis, ze heeft overal toegang, dus hij kan niet aan haar ontkomen. Overal waar hij gaat, duikt zij op. En langzaam aan, beetje bij beetje, maakt ze haar avances. Bovendien is hij een jonge kerel, hij is nog maar net een tiener geworden. In de vorige Ayah beschrijft Allah dat hij een man werd: “Walamma balagha ashoeddahoe.”

Wat ook interessant is, is dat de heer des huizes, toen hij hem voor het eerst meebracht al meteen onderweg de intelligentie van dit kind had opgemerkt. Dat staat niet eens vermeld in de Quran, maar tijdens de reis op weg naar zijn huis in Egypte, waar die minister woonde, zag hij in dat dit joch bijzonder was en dat hij met respect moest worden behandeld. Een kind! Verkocht als een slaaf! Hoe krijgt een slaaf respect?! Maar zodra hij thuiskomt, is het eerste wat hij tegen zijn vrouw zegt: “Akrimie mathwaahoe” – “Je kan maar beter zijn lange-termijn, zijn kamer-voor-altijd, respecteren.” Niet “geef hem een kamer”, niet “geef hem ergens een plek om te wonen, geef hem een bed”. Nee, “Respecteer (respecteer!) zijn permanente kamer.” “Mathwa” betekent namelijk een plek waar je generaties lang blijft. Wat hij zegt is dus: “Ik wil dat deze jongen hier blijft, dat hij zich hier vestigt. Ik wil niet dat hij hier weggaat, hij is een ware aanwinst.” Dat had hij ingezien.

Maar hij wist ook dat zijn vrouw een probleem heeft met haar waardigheid. Hij zei namelijk niet: “Geef hem een kamer”, maar “Respecteer zijn kamer”. Dat betekent zoveel als: “Loop niet zomaar zijn kamer binnen, geef hem zijn ruimte. Ik wil niet dat je denkt dat je daar zomaar kan opduiken wanneer je maar wil en met hem kan rotzooien of babbelen of zelfs bevelen geven.” Zelfs toen hij nog een kind was, wilde de man dat zijn vrouw afstand van hem hield. Dus zegt hij: “Akrimie mathwaahoe”. En had hij gelijk? Nou en of! De dag komt. Ze probeert hem beetje bij beetje te verleiden, ze suggereert allerlei omdat hij nu een man wordt.

En er gebeurt nog iets. “Raawada” heeft ook een oorsprong in “arraada” en dat betekent “intentie”. “Raawaada” betekent dan dat je probeert te bereiken dat iemand anders dezelfde intentie ontwikkelt als jij. Ze wil hem zover krijgen dat hij denkt zoals zij: “Zo erg is het niet! Het is ok, er is niets mis mee. Voél je dan niets?! Vind je me dan niet mooi?!” Dat zegt ze allemaal omdat ze wil dat hij gaat denken zoals zij denkt. En hij is een jongeman, met de verleidingen die hij voelt… Hij is een normale mens. Hij zegt niet: “Ik sta boven die verleiding.” Dat zegt hij niet. De Quran zegt zelfs: “Als hij geen Teken van zijn Heer had gezien, zou hij haar hebben begeerd.”

Maar waar het mij uiteindelijk om gaat is dat, wanneer zij hem hevig begeert, wil ze “an nafsihi” – dat hij tegen zijn eigen intentie inging. Zijn voornemen was dat hij rein wou blijven, dat hij zich niet met dit soort zaken zou inlaten. Van hoeveel jongeren kunnen we dat zeggen? Een prachtige vrouw heeft het op jou gemunt –  ze  zegt dat er niets mis mee is – ZIJ is het die achter jou aankomt (meestal zijn het de mannen die achter de vrouwen aanzitten, maar nu is het de vrouw die het initiatief neemt) – het gebeurt in de privacy van haar huis en zij is je werkgever… Je hebt alle redenen voor een excuus: “Ja zeg, het is mijn baas. Zij zei dat ik dat moest doen, dus het is ok!”. Alle redelijke uitvluchten zijn beschikbaar. Alle deuren zijn op slot: “Ghallaqaati al abwaab”. Ze had niet gewoon maar één deur op slot gedaan, maar meerdere deuren. En elke deur had nog eens meerdere  grendels. Het is dus helemaal privé, niemand komt het te weten. En dan zegt ze: “Hayta lak” – “Kom hier”. “Hayta” wordt gebruikt als verleiding. Het wordt niet op zijn gewone manier gebruikt: “Haast je en kom hier.” Allah beschrijft niet eens hoe ze eruit zag. Dat willen we niet eens weten. Ze stortte zich op hem en roept hem: “Kom hier! Hayta lak!”

En op dàt specifieke moment ontdekken we het ontzagwekkende karakter van Yoesoef, vrede zij met hem. Alle kerels op de campus of in de middelbare school, alle mannen op het werk, alle mannen die gewoon voorbij kuieren in het shopping center, … Jullie allemaal! Die blik als een meisje je een sms’je stuurt: “Ik vind je leuk! Kunnen we mekaar eens spreken? Dit is mijn nummer”… Weet je, jonge mensen fantaseren over zo’n situatie. Ze dromen ervan. En Yoesoef, vrede zij met hem, bevindt zich IN die situatie. Maar net IN die situatie slaagt hij erin zich te herinneren dat Allah hem ziet. Dat is wat we hier leren. Hij zegt: “Ma aadh Allaah” – “Ik zoek beschutting bij Allah”, ik zoek een PLEK waar ik de beschutting van Allah kan vinden, want “ma aadh” is een plaatsbepaling. “Ik zoek een plek waar ik Allah’s bescherming kan vinden.”

“Innahoe Rabbie ahsana mathwaaya” – “Mijn Meester heeft goed voor mij gezorgd en heeft me werkelijk een goed onderkomen bezorgd”. Hij bedoelt daarmee Allah als zijn Meester. Maar als ZIJ niet in die Meester gelooft, dan kan ze bij het horen van dat woord denken dat “Rabb” verwijst naar … de eigenaar van het huis, dat HIJ mij heeft geëerd. Het is duidelijk dat ze geen vrees heeft voor God, maar dan zal ze tenminste toch haar echtgenoot vrezen. Het is dus de wijsheid van Yoesoef, vrede zij met hem, dat deze woorden even goed kunnen verwijzen naar Allah. In zijn geval kan hij bedoelen te zeggen: “Allah heeft voor me gezorgd. Hoe kan ik ontrouw zijn tegenover Allah?!” En zij  hoort “mijn meester” en denkt waarschijnlijk niet dat hij Allah bedoelt, maar dat hij het over haar man heeft, die goed was voor Yoesoef. “Als je al geen ontzag hebt voor God, bedenk dan tenminste dat je man hebt, vrouwmens, voor je zoiets doet!” “Innahoe Rabbie ahsana mathwaaya”. Innahoe la yoeflihoe aldhaalimoen” – “Voorwaar, de onrechtplegers zullen niet slagen.”

En hij rekt het gesprek ook niet: “Wa istabaqqa al baab” (vers 25), zo fantastisch. Als het verhaal verdergaat, vind je niets in de zin van: “Neenee, mevrouw, bedaar nu eens even. Denk hieraan. Het spijt me, maar ik kan dit niet doen…” Hij weet dat ze geen zin heeft in praten. Hij zette het op een lopen! “Wa istabaqqa al baab”

Blijf daar niet zitten praten met dat meisje: “Astagfirullah, dat is haraam, zuster. Denk eens goed na over wat je daar zegt…” Neenee! Geef haar geen raad. Dat is toch niet wat je doet, je brengt gewoon nog wat meer tijd met haar door. Wees eerlijk tegenover jezelf. Maak je uit de voeten! Zorg dat je weg komt van dat gesprek, zet dat gesprek niet voort. Reageer niet meer. Je zit in de Ramadan, kerel! Antwoord niet op haar sms’jes. Doe het niet. Verricht er Tauwbah voor. Zend zelfs niet: “Ik ga je geen sms’jes meer sturen.” Niet zeggen. “Waarom beantwoord je mijn emails niet?” – “Nee, astagfirullah, het is Ramadan…” Nee, antwoord zelfs niet. Begin er niet aan. Hetzelfde geldt voor de meisjes!

Als jullie echt goede raad
willen putten uit de Quran:

Dit is levensecht.
Dit is niet zomaar een verhaal.

Dit is JOUW verhaal,
dit is wat jij op dit moment uitspookt.

Als jij je met dit soort zaken bezighoudt en je hebt deze Ayaat van de Quran gehoord, dan zal Allah jou en mij op de Dag des Oordeels vragen: “Die Ayaat die je hoorde, dacht je dat het zomaar vertelseltjes waren, dat ze niet over jou gingen? ‘Fiehie dhikroekoem!’ ” Allah zegt dat het over JOU gaat: erin word JIJ vermeld! Daarin staat JOUW verhaal! Het is advies voor JOU! Lees dus dit verhaal niet met het idee dat het niets met je afspraakjes te maken heeft, met je persoonlijke avontuurtjes waar je ouders geen vermoeden van hebben, waar zelfs je vrienden niets van weten. Dat heeft er juist wèl mee te maken. Heel erg. Het is niet toevallig dat dit wordt vermeld in de Quran: het is een probleem van alle tijden.

En als je daaraan lijdt, dan bid ik
dat je door te leren over het verhaal van Yoesoef,
vrede zij met hem, gaat nadenken
over wat je met je leven doet.
Je bidt, je vast, je probeert Quran te leren…
EN je hebt een vriendinnetje?! Zou niet mogen.

Je moet goed bedenken dat dit geen kleine zonde is.
Wat je hier doet is geen kleinigheid.
Je speelt met je eigen geloof.

En ik bid voor je.
Ik bid dat je sterk genoeg mag zijn
om te doen wat je moet doen
door een harame relatie te verbreken.
En als je ze niet kan afbreken,
dat je ze dan halaal maakt.
Wees een man
en maak er een halale relatie van.

 

.

bron: http://www.youtube.com/watch?v=K1uQ1l4LQFE

Het youtube-kanaal van Quran Weekly: http://www.youtube.com/user/QuranWeekly

.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Ramadan en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.