Pareltjes van de Quran : Juz 14

“En wanneer jullie de Koran lezen,
zoek dan de bescherming van Allah
tegen de vervloekte Satan.”


Een overweging door Nouman Ali Khan
bij Juz 14, Surah 16, Vers 98


“En wanneer jullie de Koran lezen,
zoek dan de bescherming van Allah
tegen de vervloekte Satan.

Voorwaar, hij heeft geen gezag
over degenen die geloven en hun Heer vertrouwen.”

We bevinden ons nu in de veertiende Juz en ik lees u voor uit Surat ul Nahl (de bij), de zestiende Surah. Dit is vers 98 van de Surah, waarin Allah zegt: “Fa idha qarata al Quran..” – “Telkens wanneer je de Quran reciteert…” Kijk naar: “Fa idha qarata”, niet “INN qarata”. Niet “ALS je de Quran reciteert”, maar “WANNEER je de Quran reciteert. Allah verwacht van je dat je de Quran reciteert. Als die verwachting er niet was, had er “als” gestaan: “ALS je hem reciteert…” … “WANNEER je hem reciteert!”. Allah zegt: “WANNEER je hem reciteert, dan…”

“Fasta ‘idh bi Allah” – “vraag dan de bescherming van Allah” – “min ash Shaytaan arradjiem” – “tegen de vervloekte Sjaitaan.” Wanneer je de Quran reciteert, zal Sjaitaan komen en proberen je te laten indommelen.  Wanneer je de Quran reciteert, zal Sjaitaan slechte gedachten in je hoofd oproepen. Wanneer je de Quran reciteert, zal je je die andere twintig dingen herinneren die je nog moest doen en je rondt snel af. Dat  zal je overkomen terwijl je bidt, het zal je overkomen wanneer je gewoon de Quran zit te reciteren, wanneer je probeert hem uit het hoofd te leren, als je op het vliegtuig  zit en omdat je tijd hebt haal je de Mushaf (*) boven en begint erin te lezen…

Het zal elke keer opnieuw gebeuren! Daarom: vraag elke keer om beschutting bij Allah tegen de vervloekte Sjaitaan. Zeg: “A’udhu billaahi min ashShaytaan urradjiem” voor je de Quran begint te reciteren. Het is een gebod van Allah, omdat het een heel belangrijk deel uitmaakt van je relatie met de Quran. Het enige waar Sjaitaan op uit is, is om afstand te scheppen tussen jou en Allah. Quran brengt je dichtbij Allah. Hij haat dat en dus wil hij jouw ervaring met de Quran verknoeien. Hij is tot alles in staat om die ervaring om zeep te helpen.

“Innahoe laysa lahu sultaan ala alladhiena aamanoe” – “Waarlijk, hij heeft geen gezag over degenen die waarlijk Imaan hebben, die echt geloven” – “Wa aala Rabbihim yatawakkaloen” – “en zij die hun vertrouwen in Allah stellen.” Met andere woorden, Allah overstelpt ons niet met vrees voor Sjaitaan… “Oeioei, de duivel is hier! Hij gaat  me in de problemen brengen.” Het is juist zo dat als je Allah vertrouwt, en zegt “A’udhu billaahi min ashShaytaan urradjiem”, dan geloof je dat Allah volstaat om je te bewaken, Hij volstaat om je te beschermen. Wanneer je dus de Quran reciteert, zorg er dan zeker en vast voor dat je beschutting vraagt bij Allah.

Bovendien is deze isti”aadha niet alleen om te vermijden dat hij je afleidt, of dat hij zorgt dat je je recitatie niet afmaakt, of om je lui te maken. Het is ook omdat hij ervoor kan zorgen dat je iets verkeerd begrijpt, fout interpreteert. Hij wil dat je denkt dat daar iets staat wat er niet staat. Zeggen dat je die bescherming zoekt mag dus niet zomaar een recitatie zijn van “A’udhu billaahi min ashShaytaan urradjiem”! Je moet echt vragen om Allah’s hoede:

“Yaa Allah! Bescherm me!
Ik ga zo meteen Uw Boek lezen.
Ik begin zo meteen aan Uw Boek.
Ik heb Uw bescherming nodig
tegen de vervloekte Sjaitaan,
die leiding zal omzetten in misleiding
als ik niet voorzichtig ben.”


Moge Allah ons allen behoeden

en ook onze recitatie van de Edele Quran
en moge Allah Sjaitaan weghouden
bij onze recitatie van de Quran!

(*) Mushaf = het fysieke Boek, de geschreven tekst van de Quran

bron: http://www.youtube.com/watch?v=Vvn2WCO_zPg

Het youtube-kanaal van Quran Weekly: http://www.youtube.com/user/QuranWeekly

.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Ramadan en getagged met , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.