Waarom gaan niet alle goede mensen naar de Hemel?

Een vraag aan  Nouman Ali Khan
Waarom mogen niet alle goede mensen naar de hemel gaan?

 

(eerst een grapje: is dit een nieuwe dienstmemo?)

Dat is eigenlijk een vreemde vraag want je veronderstelt al dat ze het NIET mogen. Geen idee waar je dat hebt gehaald. Het probleem met dit soort vragen is dat de definitie van de betekenis van “goed” erg vaag is. Dat is het eerste probleem. Het tweede is dat er wordt verondersteld dat elke Moslim de garantie heeft dat hij naar de hemel gaat. Dat is het tweede probleem hiermee.

Of misschien is de achterliggende gedachte bij deze vraag
dat er goede mensen zijn die geen Moslim zijn.
En wat gebeurt er dan met hèn?
Dat is zowat de essentie van de vraag.

Kijk. In onze godsdienst hebben we de vergunning gekregen om te oordelen tussen goed en kwaad, voor zover we het zelf hebben geleerd. Maar we hebben geen vergunning gekregen om iemands Redding te beoordelen. Dat is dan weer ZIJN domein (wijst naar boven). Hij mag tegen de mensen spreken zoals Hij dat wil. Hij mag ze (be)oordelen zoals Hij dat wil. Het is niet aan mij om te beslissen wat er op de Dag des Oordeels gebeurt.

Wat mij helpt alles in perspectief te zien in verband met deze vraag is dat onze Profeet (vrede en zegeningen over hem) bij een bepaalde gelegenheid gezegd: “Innaka la taghdieman ahbabta” – “Jij kan niet leiden wie je wil, wie je liefhebt.”
Je leidt niet wie je wil… “Wa yaqiema ‘Allahi yahdi man yasha’a.
Een andere keer draait Rasoel Allah (vrede en zegeningen over hem) zich naar zijn geliefde. Hij hield zo veel van zijn dochter. Ik zeg maar, er zijn verhalen waarin je leest over de liefde van de Profeet (vrede en zegeningen over hem) voor zijn dochter die je tot tranen toe zullen ontroeren. Maar dan is er een gelegenheid waarbij hij zich naar haar toewendt en zegt: “Yaa Faatimah, bintu Muhammad, itaqi’llah fa inna la amrikoe laki min Allahi shay’aa” – “Faatimah, dochter van Muhammad, vrees jij zelf Allah want ik zal geen gezag over je hebben op de Dag des Oordeels.” Hij kan niet eens de veiligheid van zijn eigen dochter garanderen op de Dag des Oordeels!

En Allah zegt in de Quran: “Kulu ummatihi yauma ‘l qiyaamati fardan” – “Iedereen zal individuéél voor Allah verschijnen.” Elke zaak  zal individueel worden beoordeeld. Weet je wat dat betekent? Ik kan zelfs geen algemene uitspraak doen over Muslims. Dus hoe kan ik dan een algemeen oordeel vellen over alle anderen?! Dat mag ik niet! Fardan! Individueel!

Op de Dag des Oordeels zegt Allah:
Wie zijn de mensen die veilig zijn?
“Illa man at’Allaah bi qalbin saliem”
“al wie tot Allah kwam met een deugdelijk hart.”

Hoe weet ik nu of iemand een deugdelijk hart heeft?! Dat weet ik niet. Wat ik wèl weet, is wat Allah mij heeft geleerd. Ik loop ook niet rond te verkondigen dat mensen naar de hemel gaan. Want mensen lijken te denken dat je partij moet kiezen: gaat iedereen naar de hel of gaan ze naar de hemel, kies dan! Het is niet aan mij om te kiezen! Dat is mijn zaak niet.

Al wat wij hebben is een boodschap die goed nieuws brengt en die waarschuwing brengt. En de mensen doen wat ze nu eenmaal doen. En dan doet Allah dat waar Hij de machtiging voor heeft en oordeelt Hij wat Hij gemachtigd is te beoordelen.

Waarom maak jij je zo druk over Tarzan?! Waarom? Zelfs als hij al Moslim wordt, dan zal je volgende vraag zijn over het feit dat zijn slipje niet tot onder zijn knieën reikt. Hoe moet hij dan Salaat verrichten? En is zeewater geschikt voor Wudhu? Weet je. Want hij zit op een eiland. STOP!

Uit de Namen en Kenmerken van Allah
worden sommige zaken erg duidelijk.

Allah, de God in Wie we geloven, is absoluut liefdevol,
genadig, teder, zorgzaam en rechtvaardig.
Niet alleen voor wie in Hem gelooft. Voor de hele mensheid.

Hij is barmhartig en liefdevol voor de hele mensheid. En als we geloven dat Hij rechtvaardig en fair is, en barmhartig, dan moeten we geloven dat Hij niemand tekort zal doen op de Dag des Oordeels en dan “Ha!” zal zeggen (wijst veroordelend). Er duikt daar geen engel op: “Dus jij was geen Muslim he! Haha! Pech voor jou!” – “Ja maar ik had geen Muslim vrienden of buren. Er waren daar geen Muslims!” – “Ja, daar hebben wij voor gezorgd dat er geen waren, want we wilden jou op de barbecue!”… NEE! Dat is niet hoe het zal zijn!

Iedereen zal een kans krijgen. En die er geen kregen… Hoe Allah hen zal aanpakken is ZIJN zaak! Aan ons is het om te geloven dat Allah fair is. Wat ons wordt opgedragen te geloven, is dat Allah niet… Je weet wel: “Wa ma Allah yuridu dhulma lilabied” – “Allah heeft geen kwaad voor met Zijn slaven, voor Zijn onderdanen.” Niet. Waarom zou je zoiets denken?

En dit houdt verband met een andere vraag die straks allicht zal opduiken: “Wat krijgen de zusters in Jenna?” Laten we er eerst al maar geraken! Zijn we het erover eens dat we er eerst moeten geraken? OK? En dan: maak je er niet druk om! Je zult er gelukkig zijn, dat garandeer ik je!

 

Bron: https://www.youtube.com/watch?v=fE50azsAgis

PS: Min of meer in hetzelfde verband

“Seksuele beloningen in het Paradijs” met Nouman Ali Khan in de Deen Show (op Youtube)
https://mariaminislam.wordpress.com/2014/08/05/seksuele-beloningen-in-jennah/

 

Dit bericht werd geplaatst in Foei Islam ?, Sprokkels en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.